Middeleeuwsch gewoon!

Frits van Oostrom heeft mij een dienst bewezen met zijn nieuwe literatuurgeschiedenis waarin de Middeleeuwen zo treffend naar voren komen. Misschien was hij door dezelfde behoefte gedreven als ik, korte metten maken met die uitroep dat “iets” gewoon “Middeleeuws” is. Je kunt  zoiets wel zeggen maar weet je ook WAT je zegt?

Middeleeuws wordt meestal gebruikt voor “achterlijk en onmenselijk”, bij voorkeur om andermans cultuur aan te duiden die niet zo doortrokken is van onze westerse 20e eeuwse verworvenheden. Allemaal Middeleeuws. Middeleeuwen staan voor armoe, zwoegen, ziekten, hongersnood, een allesbepalend (bij)geloof en doodgewone domheid. Zo ziet men dat maar is daar ook reden toe?

Om te beginnen zou je dan moeten weten over welke Middeleeuwse periode je het hebt want het is een uitgestrekt tijdperk: van pak weg 500 na Christus tot 1500 na Christus. Ter vergelijking: als vandaag de Middeleeuwen zouden eindigen, dan zouden die in het jaar 1013 zijn begonnen, de tijd van de Noormannen. Onze samenleving zou dus onderdeel uitmaken van dezelfde cultuurperiode als de brandstichting in Dorestad door de Noormannen, of de landing van Willem de Veroveraar in Engeland.  De Middeleeuwen lopen, globaal gesproken van het einde van het West-Romeinse Rijk tot aan het koning- en keizerschap van Karel V.

De grote vraag is waarom wij die hele periode als achterlijk en onaangenaam zien. Mij dunkt dat er een hele reeks belangrijke belangrijk oorzaken zijn:

1. Het geloof. De Middeleeuwen werden gekenmerkt door een gezamenlijk geloof, we zouden nu zeggen: het Rooms Katholieke geloof. In de loop van de Middeleeuwen heeft het Pausdom kans gezien zijn invloed uit te breiden en te versterken, de greep op de samenleving te vergroten. Een elementair christelijk geloof vond zijn weg in de meeste hoeken en uithoeken van Europa, zij het in meerdere of mindere mate gemengd met oude “natuurgodsdiensten”.  Delen van die natuurgodsdiensten zijn blijven bestaan tot in onze tijd: Paasei, Kerstboom en Carnaval. De mens van deze tijd benauwt het te denken aan een samenleving waarin de kerk zo dominant aanwezig was maar was ze in werkelijkheid voor de Middeleeuwer en Middeleeuwen wel zo’n ramp?

Duidelijk is geworden dat in de kloosters en kerkelijke vestigingen over het algemeen de geleerden, de onderzoekers van de periode werkzaam waren. Wetenschappelijke en technologische vooruitgang ging nog al eens uit van de kloosters en in toenemende mate van de universiteiten die opbloeiden, in de Nederlanden valt daarbij te denken aan de universiteit van Leuven. Ja zeker, die universiteiten ontstonden pas laat in de Middeleeuwen. De oorzaak daarvan was ongetwijfeld de verstarring en dogmatiek die in de kloosters om zich heen greep. Alles wat daar werd ontdekt, moest immers worden getoetst aan datgene wat men veronderstelde het woord van de Heer te zijn. In onze tijd geloven we daarom  maar al te graag dat er helemaal geen wetenschap was in de Middeleeuwen maar dat klopt niet. Op medisch gebied maakte men bijvoorbeeld wel degelijk vorderingen.

2. Men zou geen technologie en wetenschap hebben gekend. Overigen, die vorderingen vonden ook plaats buiten de kloosters, door de mensen die geen theoretische achtergronden hadden maar die in de praktijk heel wat kennis en vaardigheden opdeden, soms vele malen belangrijker dan dat wat er zich afspeelde in de “wetenschappelijke” centra. Dat doet een beetje denken aan onze eigen tijd waar onderzoekers gebonden zijn aan een starre wetenschappelijke methode en veel originele gedachten afdoen met “onmogelijk”. Dat wil niet zeggen dat niemand er onderzoek naar doet. In onze tijd komt dat door de commercialisering van de wetenschap. Ze moet onmiddellijk tot rendement leiden.

Een heel vroege, haast “groene” ontdekking was het drieslagstelsel, in de tijd van Kerel de Grote. Dit akkerbouwsysteem zorgde ervoor dat landbouwgronden niet werden uitgeput. Een behoorlijke stap voorwaarts in de strijd tegen hongersnood. Overproductie was in zijn tijd nog niet het grote streven.

Een kerk die mensen in behoeftige omstandigheden voedsel bood en ook een schuilplaats, hoewel het natuurlijk ook wel eens anders uitpakte. Lokale pastoors waren vaak gericht op het heil van hun parochieleden. In kerken en kloosters mocht de lange arm van de landheer niet komen. Die gewijde grond mocht niet betreden worden door het geweld van de staat, wat een rust voor degeen die op de vlucht was, om welke reden dan ook! Kom daar in deze tijd nog maar eens om!

Kleine gemeenschappen waarin de mensen, van hoog tot laag, geen vreemden voor elkaar waren. Men kende elkaar, niet altijd positief maar iedereen telde mee en niemand was een nummer. Mensen die elkaar op z’n minst wekelijks in de kerk zagen en elkaar in de gaten hielden. De man of vrouw die zijn buren niet van naam kende, waren onbekend. Een samenleving ook waarin stress nauwelijks voorkwam al lag dat voor de lijfeigenen wat anders dan voor  anderen. En keiharde straffen, straffen waaraan sommigen van degenen die in deze tijd om strenge straffen vragen, nog niet eens durven denken. Niet leuk maar….iedereen kende de risico’s.

3.Er was ALTIJD oorlog en er waren rovers. Er waren veel oorlogen in de Middeleeuwen, heel grote zoals de 100 jarige maar ook vooral heel veel kleine. Is dat een kenmerk van achterlijkheid? Nou, dan hebben we nog wat te leren, als je zo ziet wat wij aan vredesmissies doen en NATO-ingrijpens….  Rovers waren er ook nog en de grote vraag is of we die tegenwoordig kwijt zijn: rankraken, overvallen, inbraken wijzen er niet op.

4. Vaak vergeten we voor het gemak dat er een hoofse periode is geweest waarin de vrouw op ene voetstuk werd geplaatst en de hele samenleving wemelde van de minstreels. En ja, het is waar, dit was juist een periode waarin de vrouw verder ondergeschikt raakte aan de man, in de vorm van een kwetsbaar “dingetje” maar toch….het heeft een bijzondere kwaliteit in vergelijking met elkaar uitmakende feministen en botte kerels.

5.De mensen geloofden ook in spoken en geesten waarvan onze psychologen en psychiaters al lang hebben vastgesteld dat ze vooral in het hoofd van de “gelovigen” bestaan. Alsof dat minder erg is….maar dat terzijde. Wij geloven in verdachte pakkertjes en terroristen, als er ene trein ontspoort die domweg te hard reed, volgt onmiddellijk de vraag of er geen aanslag achter zit. En laten we wel wezen: spoken, geesten, verdachte pakketjes en schijnbare terroristen komen allemaal voort uit de angst voor het onbeheersbare. Want bang zijn we  ,misschien wel banger dan de Middeleeuwer die altijd nog zijn geloof had in die andere, betere wereld na de dood. n sen: Daar steekt onze doodsangst schril bij af, de poging om het onvermijdelijke tot in de eeuwigheid uit te stellen. Het gevolg zal zijn dat we tot in de eeuwigheid moeten werken, anderen afzeiken en uitschelden en een enkele keer liefhebben. Denken dat je daar gelukkig van wordt, van het eeuwige leve…dat is pas achterlijk.

Tot sterkte,

Kaj Elhorst

https://chaoticus.wordpress.com

Advertenties

One thought on “Middeleeuwsch gewoon!

  1. Das nou ook toevallig, ik ben net geëindigd met het eerste deel van de vierdelige serie “de lage landen”, van het omvangrijke werk van Jaap ter Haar over de geschiedenis van Nederland (en natuurlijk de niet weg te denken Europese). Zeer leerzaam en verfrissend en leuk. Over de relatie kerk en wetenschap, zie ook eens, “Het christendom is zo gek nog niet”. ( Dinesh D`Souza)

    http://www.nieuwamsterdam.nl/het-christendom-is-zo-gek-nog-niet#.UfV5PKy26VM

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s